Geschilleninstantie wordt nauwelijks benut; evalueren haast onmogelijk

donderdag 01 augustus 2019, Tijd 6:57 uur

In 2016 hebben brancheorganisaties en zorgverzekeraars een convenant gesloten voor de oprichting van een geschilleninstantie; de Onafhankelijke Geschilleninstantie Zorgcontractering. Echter, nu blijkt dat er zo weinig gebruik is gemaakt van de instantie dat een gegronde evaluatie van haar functioneren niet goed mogelijk is. Dat blijkt uit de evaluatie die minister Bruins eind juni naar de Tweede Kamer stuurde.

Contracteerproces tussen zorgverzekeraars en zorgaanbieders

 De Geschilleninstantie is gestart in 2017. Het doel van de Geschilleninstantie is om het contracteerproces tussen zorgverzekeraars en zorgaanbieders te verbeteren en klachten of incidenten sneller op te lossen. Om te controleren of en hoe de instantie functioneert is er een Begeleidingscommissie opgericht. Deze bestaat uit eerstelijnszorgaanbieders, tweedelijnszorgaanbieders, zorgverzekeraars, Wlz-uitvoerders en Wlz-aanbieders. Zij zijn tevens verantwoordelijk voor de evaluatie over het functioneren van de Geschilleninstantie.

Echter, uit de evaluatie blijkt dat het aantal meldingen over geschillen sinds de start op twee handen te tellen is. Tot september 2018 waren er in totaal zeven geschillen gemeld. De Begeleidingscommissie begrijpt dat er meer geschillen nodig zijn om goed te kunnen evalueren en kondigt daarom direct een volgende, uitgebreidere evaluatie aan voor 2020. Zij hopen uiteraard dat er tegen die tijd meer zaken zijn aangebracht.

Begeleidingscommissie

De (beperkte) evaluatie geeft wel een aantal redenen van waarom er zo weinig gebruik wordt gemaakt van de Geschilleninstantie. Zo blijken er drempels te zijn om naar de instantie toe te stappen; “Drempels voor zorgaanbieders kunnen zijn: de te sluiten overeenkomst tussen partijen over de te benoemen arbiters, de nadere arbitrage/bindend advies/mediation-overeenkomst met de zorgverzekeraar, de duur van de procedure en de kosten van de procedure”, zo meldt het evaluatierapport.  Daarnaast vermoedt de Begeleidingscommissie dat de Geschilleninstantie nog niet genoeg naamsbekendheid heeft. Ook zijn er veel zorgaanbieders die geen individuele problemen hebben ervaren of niet geloven dat een Geschilleninstantie de problemen op kan lossen.

Volgens de Begeleidingscommissie is het belangrijk dat de Geschilleninstantie meer onder de aandacht gebracht wordt bij zorgaanbieders. Minister Bruins heeft beloofd om het onderwerp vaker voor te leggen in bestuurlijke vergaderingen van diverse zorgsectoren die door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport georganiseerd worden; “Tevens zal ik vragen aan de betrokken partijen om de mogelijkheid van de Geschilleninstantie optimaal benutten”.

Auteur: Karel de Vries, redactie Zuster Jansen

Nieuwsarchief