“Afhankelijkheid van hulp in huishouden groeit, behoefte aan persoonlijke verzorging neemt af”
Dweilen, de ramen lappen of de afwas: voor veel ouderen is het doen van alledaagse taken rondom het huis een stuk minder vanzelfsprekend. In veel gevallen kan huishoudelijke hulp via de Wmo dan een uitkomst bieden.
Maar hoe vaak maken senioren hier eigenlijk gebruik van? En is er de afgelopen jaren iets veranderd in het aantal aanvragen, ook bij andere vormen van ondersteuning, zoals persoonlijke verzorging? Zuster Jansen dook in de cijfers van het CBS en bracht het in kaart.
Steeds meer Wmo aanvragen voor hulp in huis
Het aantal aanvragen voor huishoudelijke hulp via de Wmo is tussen 2021 en 2025 veel gestegen. Zo groeide het aantal 75-plussers dat hier gebruik van maakt met maar liefst 20,4%. Opvallend genoeg was deze stijging groter dan de groei van het aantal 75-plussers (19%).
Ook 60- tot 74-jarigen doen steeds vaker een beroep op huishoudelijke hulp via de Wmo. Het aantal aanvragen binnen deze groep steeg in vier jaar tijd met maar liefst 15,9%, terwijl de omvang van deze leeftijdsgroep in dezelfde periode slechts met 5,9% groeide.
Minder behoefte aan persoonlijke verzorging
Terwijl het aantal aanvragen voor huishoudelijke hulp stijgt, worden er opvallend genoeg een stuk minder aanvragen via de Wmo gedaan voor ondersteuning zoals persoonlijke verzorging en begeleiding. Vergeleken met 2021 is het aantal aanvragen onder 75-plussers zelfs gedaald met 12,2%.
Vestigingsmanager, mevrouw Knol bij Zuster Jansen: “De groei van huishoudelijke hulp past bij de trend dat ouderen langer zelfstandig wonen. Voor persoonlijke verzorging en begeleiding gelden vaak strengere indicaties en complexere aanvragen. Deze zorg wordt bovendien regelmatig overgenomen door mantelzorgers of geleverd via de wijkverpleging, die valt onder de Zorgverzekeringswet.
Vooral veel Wmo hulp met huishouden nodig in Overijssel
Hoeveel mensen hulp bij het huishouden aanvragen, verschilt flink per provincie. Zo wordt deze hulp het vaakst benut in Overijssel: hier maakt 22,2% van de 75-plussers gebruik van huishoudelijke hulp via de Wmo. Ook in Limburg (21,5%) en Groningen (20,4%) hebben relatief veel ouderen hulp in huis nodig.
In Noord-Holland lagen de aantallen juist het laagst: hier heeft maar 16% van de 75-plussers hulp in huis aangevraagd.
“Deze cijfers laten zien dat de druk op de Wmo niet overal gelijk is,” volgens Vestigingsmanager mevrouw Knol. “Gemeenten in provincies met veel oudere inwoners moeten zich voorbereiden op een blijvend hoge vraag naar huishoudelijke hulp, terwijl de beschikbare capaciteit vaak al onder spanning staat.”
Meeste WMO aanvragen in Twenterand
Als we inzoomen op gemeentelijk niveau, worden de verschillen nog duidelijker zichtbaar. Zo rekent in de Overijsselse gemeente Twenterand ruim 1 op de 4 ouderen op huishoudelijke hulp. Dit zijn de top 10 Nederlandse gemeenten waar de meeste 75-plussers hulp in huis krijgen:
- Twenterand, Overijssel: 27,1%
- Westerwolde, Groningen: 26,5%
- Brunssum, Limburg: 26,5%
- Stadskanaal, Groningen: 26,5%
- Kerkrade, Limburg: 26%
- Tubbergen, Overijssel: 25,9%
- Pekela, Groningen: 25,9%
- Landgraaf, Limburg: 25,7%
- Emmen, Drenthe: 25,4%
- Enschede, Overijssel: 25,3%
In het Noord-Hollandse Laren lag het percentage juist het laagst: hier maakt maar 6,8% van de ouderen gebruik van huishoudelijke hulp via de Wmo. Ook in Rozendaal (7,4%) en De Bilt (10%) wordt deze maatschappelijke ondersteuning relatief weinig benut.
Onderzoeksmethode
Voor dit onderzoek is gebruikgemaakt van de Wmo data over de eerste 6 maanden van 2021 tot en met 2025, zoals gerapporteerd door het CBS. Dit is afgezet tegen het aantal inwoners in de betreffende leeftijdsgroepen van die periode. Voor de provinciale vergelijkingen is enkel gebruikgemaakt van de gemeenten die deze data hebben aangeleverd en de gemeenten waar het aandeel 60-plussers met hulp in de huishouding hoger dan 4% lag.
Auteur: redactie Zuster Jansen




