Logeerbedden

Logeerbedden, ook wel opvangbedden genoemd, worden ingezet in verschillende situaties. Ziekenhuizen trekken regelmatig aan de bel als het gaat om noodopvang van ouderen waar deze logeerbedden nodig zijn. Veel ouderen kunnen nog niet terugkeren naar hun eigen huis, omdat ze nog niet volledig hersteld zijn en extra zorg nodig hebben. Instellingen voor lichte zorg bestaan niet meer. Er is dus geen ander alternatief voor de ouderen. Veel patiënten die zorg nodig hebben kunnen niet terecht in een ziekenhuis, omdat de logeerbedden bezet gehouden worden door ouderen in noodsituaties.

Groeiende noodsituaties

Veel ouderen willen zo lang mogelijk zelfstandig wonen. Dit kan echter in noodsituaties veel problemen opleveren. Wanneer iemand valt en daarna niet voor zichzelf kan zorgen, is extra hulp noodzakelijk. Ook wanneer iemand een operatie heeft ondergaan, moet deze persoon herstellen en extra hulp ontvangen. Als de mantelzorger niet beschikbaar is, moet er gekeken worden naar een oplossing. Dit zijn allemaal voorbeelden van de alsmaar groeiende noodsituaties waar onze huidige wetten niet op voorzien zijn.

Informatie aanvragen

 

Niet genoeg logeerbedden

Er is een groot aantal logeerbedden dat geraadpleegd kan worden in noodsituaties, maar dit zijn er vaak niet genoeg. In veel noodsituaties zijn deze logeerbedden ook niet op tijd beschikbaar en bereikbaar. In Amsterdam is dit probleem goed opgepakt. Hier is een noodopvang voor zwakke ouderen opgezet die tijdelijk niet voor zichzelf kunnen zorgen. Patiënten kunnen hier 24-uurs zorg krijgen voor zeven dagen per week.

 

 

 

 

 

Deze zorginstelling in Amsterdam is gestart met de noodopvang, zonder in kaart te hebben hoe het gefinancierd werd. “We nemen iedereen op die direct zorg nodig heeft en hier wordt aangemeld door de huisarts. We weigeren niemand. Later kijken we wel of we de financiering rond krijgen.”, aldus zorgcoördinator Floor Vonk. Het uitgangspunt is: eerst zorgen en dan pas de indicatie regelen.

Fouten in de zorg

Huisartsen zijn veel tijd kwijt aan het regelen van verzorging en opvang van ouderen in een zorghotel of verpleeghuis. Volgens Jos Schols, hoogleraar ouderengeneeskunde, is er “een gapend gat tussen de zorg thuis en de zorg in een instelling”. Een weeffout in de zorg, zo noemt Schols het.

Hoe lossen we het op?

Er zijn een aantal actiepunten aangekaart door deskundigen. Het doel is om één centraal telefoonnummer te hebben per stad of regio. Zodra er een noodgeval is, wordt dit nummer gebeld door artsen en ziekenhuizen. Er worden wijkziekenboegen opgezet in bestaande verpleeghuizen met meer logeerbedden en kamers. Een betere samenwerking ontstaan met een centrale aanpak is noodzakelijk. Zo is in één oogopslag te zien, in welke regio genoeg plek is voor een opname. Daarnaast komt er een financieel potje om dit soort opnames te bekostigen.

Meer oplossingen

In 2016 is het probleem erkend door minister Schippers. Zij heeft toen een praktijkteam ingericht. Dit heeft echter nog geen effect gehad op het probleem. Twintig miljoen euro is beschikbaar gesteld door staatssecretaris van Rijn en ook hierdoor is het probleem niet opgelost. Het kabinet heeft nu het besluit genomen om de zorg en opvang voor patiënten die niet zelfstandig kunnen wonen, te betalen vanuit de basisverzekering van de Zorgverzekeringswet (Zvw). Dankzij dit besluit wordt de betaling beter geregeld voor de ouderen. Het tekort aan zorginstellingen en logeerbedden wordt hiermee nog niet aangepakt.

    Wilt u meer informatie ontvangen over uw specifieke zorgbehoefte?
    Stel hieronder uw vraag:

    *

    *

    *

    *